Collectief ontslag groep medewerkers

Bij collectief ontslag (20+ werknemers) moet de werkgever overleg voeren met vakbonden en de OR. Melding aan het UWV is vereist voordat ontslagen mogen plaatsvinden. Niet-naleving kan leiden tot vernietiging van beëindigingsovereenkomsten of opzeggingen. De werknemer moet actie ondernemen binnen twee maanden.

 

Collectief ontslag

Bedrijfseconomische redenen kunnen dusdanig zijn dat er een noodzaak is om de arbeidsovereenkomsten van een groep medewerkers te beëindigen. De Wet melding collectief ontslag is van toepassing, als er binnen 3 maanden 20 of meer medewerkers ontslagen worden wegens bedrijfseconomische (bedrijfsorganisatorische) redenen (art 3 WMCO).

Voor de melding tellen de volgende medewerkers niet mee:

  • Medewerkers voor wie een ontbindingsverzoek is ingediend om andere dan bedrijfseconomische redenen;
  • Medewerkers voor wie een vergunning bij het UWV Werkbedrijf wordt aangevraagd wegens langsdurige ziekte;
  • Medewerkers waarvan de contracten eindigen door opzegging tijdens de proeftijd (3.3.1.), door het einde van rechtswege van een tijdelijk contract (3.1.), dan wel medewerkers die op staande voet worden ontslagen (3.3.2.);
  • Seizoensmedewerkers die arbeid verrichten dat wordt beëindigd door het aflopen van het seizoen (art 2 WMCO). In dit geval gaat het doorgaans om een contract voor bepaalde tijd, dat van rechtswege eindigt op de overeengekomen datum (3.1.);
  • Medewerkers die in een ander werkgebied van een ander UWV werken (art 3 WMCO).

Verplichtingen in geval van collectief ontslag

Een werkgever die het voornemen heeft om tot collectief ontslag over te gaan, moet (als eerste) in overleg treden met de betrokken werknemersverenigingen (3.4.5.1.). Dit voornemen is aanwezig, als de werkgever meent dat de situatie met zich meebrengt dat er tot collectief ontslag overgegaan moet worden, ook al heeft hij hierover nog geen besluit genomen. Wanneer de vakbond niet of te laat reageert, dan vervalt de verplichting om de vakbond te raadplegen.

Naast de vakbonden dient ook de ondernemingsraad (indien aanwezig) geraadpleegd te worden. Blijkt na mededeling (en overleg) dat ontslagen niet voorkomen kunnen worden, dan volgt een mededeling aan het UWV Werkbedrijf, die daarbij of daarna verzoeken ontvangt tot het verlenen van individuele ontslagvergunningen (3.4.5.2.).

Bij de keuze van medewerkers die voor ontslag in aanmerking komen, moet de werkgever bepaalde voorschriften naleven (3.4.5.3.).

Doordat de werkgever het ontslag dient te melden, kan de werkgever pas een maand na die melding de arbeidsovereenkomst opzeggen. Na deze maand kan de werkgever dus overgaan om de arbeidsovereenkomst te beëindigen met wederzijds goedvinden of de arbeidsovereenkomst op te zeggen met toestemming van het UWV. Deze termijn geldt niet indien blijkt dat de vakbonden zijn geraadpleegd en zij instemmen met het ontslag.

Nadere info voor specialisten

Is de werkgever failliet (3.3.4.) dan geldt onderstaande alleen voor wat betreft de melding aan de werknemersvereniging (3.4.5.1.).

Als achteraf blijkt dat de werkgever zich niet heeft gehouden aan bovenstaande regels, dan is de beëindigingsovereenkomst en een opzegging van de arbeidsovereenkomst met toestemming van het UWV vernietigbaar. Voor deze vernietiging dient de werknemer binnen twee maanden een verzoek in bij de kantonrechter, te rekenen vanaf het einde van het dienstverband (evenwel niet meer dan zes maanden na het einde van het dienstverband) (art. 7 WMCO).

Specialist

mr Ulli Hoogland

Bij Arbeidsrechter.nl zijn er meerdere specialisten die u kunnen bijstaan. Over dit onderwerp kunt u in het bijzonder worden bijgestaan door de heer mr. U. Hoogland. Hij is namelijk degene die over dit onderwerp de NOVA-erkende Masterclass geeft aan advocaten.

Heeft u een geschil en wilt u dat bespreken met de heer Hoogland?
Bel dan 08877-08855 (het eerste advies is geheel gratis en vrijblijvend).

 

Meer informatie over ontslag via het UWV:

Vraag en antwoord voor bij de UWV-aanvraag: