4.2.6. Instellen vorderingen

Het recht op vakantiegeld vervalt na 5 jaar, wat vooral relevant is als een werknemer langere tijd onderbetaald is. Vakantiedagen dienen normaal binnen 6 maanden na het jaar opgenomen te worden. Werknemers kunnen hun vorderingen indienen bij de kantonrechter als de werkgever niet reageert.

 

Opeisen vordering bij werkgever of kantonrechter binnen vijf jaar

Vakantiedagen moeten binnen 6 maanden na het einde van het jaar opgenomen worden, tenzij anders overeengekomen. Voorwaarde is wel dat de werkgever de medewerker herhaaldelijk heeft gewaarschuwd en in de gelegenheid heeft gesteld de dagen op te nemen. Als het niet is vervallen, verjaart het na 5 jaar na het einde van het jaar waarin vakantiedagen zijn opgebouwd. 

De medewerker kan zijn recht op vakantiegeld gedurende vijf jaar opeisen, ingaande op de dag waarbij dit geld gevorderd kan worden (art 20 WML). Voor andere vorderingen geldt in beginsel eveneens een verjaringstermijn van 5 jaar. Beroept de medewerker zich niet binnen de genoemde tijd op zijn recht, dan verjaart de vordering (7.). Een werknemer die geen reactie van zijn werkgever krijgt, zal zijn vorderingen indienen bij de kantonrechter.

Het beroep op verjaring na 5 jaar van de werkgever slaagt overigens niet altijd. Bijvoorbeeld niet, als de werkgever bij de medewerker nooit heeft aangedrongen om oude (overschotten van) vakantierechten op te nemen, rechten ouder dan 5 jaar blijft weergeven als aanspraken van de medewerker, terwijl hij ook op andere wijze de indruk wekte dat de vakantierechten in stand blijven. Ook een cao kan bepalen dat er geen verjaring plaatsvindt, of dat dit slechts na het verstrijken van een langere periode gebeurt.

Verder zoeken

Deze pagina is onderdeel van hoofdstuk 4 over de arbeidsvoorwaarden. Oftewel de tegenprestatie waarvoor werknemers bij een werkgever werken op grond van de arbeidsovereenkomst. U vindt in dit deel informatie over:

4.1. Loon (o.a. minimumloon, tijdstip betalen, loon vorderen, beslag)

4.2. Vakantie (o.a. vakantierechten opbouwen en opnemen, vakantiegeld)

4.3. Pensioen (o.a. opbouwen, afkopen, einde dienstverband)

4.4  VUT-regeling

4.5. Afdracht van loonbelasting en premies

Zoekt u een ander onderwerp, zie dan onze trefwoorden of inhoudsopgave.